was successfully added to your cart.

A Poet in Sandals

Een dichter op sandalen

September 7, 2016

By Arnold Jansen op de Haar

At one time I was a very traditional boy. I was a senator in the cadet corps of the Royal Military Academy (Dutch acronym KMA) and in my spare time I wore a blazer with the KMA emblem. And I had put my para wing on my pyjamas and swimming trunks.

This last act was meant to counterbalance my rather poor swimming abilities. When I had to dive to retrieve disks from the bottom of the swimming pool, I sailed like a decrepit submarine, in those swimming trunks with the para wing, just under the water’s surface, while my fellow student Engelbert used his two-metre tall body to hand the disks up to me from the bottom.

And yes, I went through a tough initiation period, and learned to smoke cigars and drink large quantities of beer. And I also did some things that should remain unmentioned, such as in Brussels, when I distracted attention from the fact that my fellow senator D. was removing the sign ‘Chairman of the Senate’ from the upper chamber of the Kingdom of the Belgians.

In short, I was an enthusiastic part of the Intangible Cultural Heritage. You, here in England, may have missed it, but in the Netherlands the traditions and customs of student clubs are incorporated in the National Inventory of Intangible Cultural Heritage.

Just like, among others, the trades of a traditional miller, hedge laying, snuff making and the parade to celebrate fruit growing in Tiel.

It’s a long story, but I ended up being a poet. Quite a change, from one intangible cultural heritage to another: poetry.

Recently, I was at the Edinburgh Book Festival. They had interesting events featuring Dutch authors. With the exception of Kader Abdolah, all these authors were casually dressed. Maybe something to add to the intangible cultural heritage: the dress sense of Dutch authors. There are times when you long for a decent suit.

I myself was wearing sandals (with socks!) because of ‘difficult feet’. Yes, even at the reception organised by the Flemish Representation and the Dutch Embassy (it was unclear why representatives of the latter organisation were nowhere to be seen), because I had no time to change. And this in a country which regards combining brown shoes with a dark suit as a deadly sin. But I’m a poet, so I can get away with murder.

I listened to a conversation between a jovial Flemish representative and a female representative of the Lord Provost of Edinburgh. The Flemish representative tried to keep the conversation going. There were quite a few similarities between Flemish and Scottish, so he said. ‘A bessem is a term for an ugly woman in Scottish as well as Flemish.’

The councillor of the City of Edinburgh, who looked rather lovely, nodded politely. I glanced at my sandals. The Flemish representative didn’t mean any harm, and my mother would have said ‘he rather put his foot in it’, but all I could think was: and I’m even wearing sandals, what must she be thinking?

My new poetry collection is being launched on 8 September. I’m going to be there in a suit (without sandals but with proper shoes) and I won’t say anything naughty. There will be guys I haven’t seen in thirty years. Guys who knew me when I was sporting that wing on my pyjamas and swimming trunks. The sale of books is taken care of by D., the guy who was involved in the Belgian Senate sign issue, and the same D. who is featured in my debut novel. It promises to be a very special evening. Long live the intangible cultural heritage!

© Arnold Jansen op de Haar
© Translation Holland Park Press

Visit Arnold’s home page to find out more about his other publications.

Arnold reading poetry

Previous columns:
The Marseillaise
Brexit Bear
Letter to the British People
Dinner with Louis and José
An Anglophile European
Mary Magdalene of Notting Hill
No Hugging of Brits!
The God of Rochester
A ‘Bare Buttocks Face’
A Coach Full of Exes
On a Knife Edge
A Very British Secret
End-of-Year Chat
A Cigar in Brussels
Burning a Catholic
Ted or Sylvia?
Unsuitable for Class War
England-bound
The Weather in Arnhem
Accident & Emergency
The Plumber and the Little Prince
A Trojan Horse
Pilloried!
Portobello Hipster
A Celebration Every Day
Diana is Back
Loved by All
Cooking in Peacetime
A Bit of a Genetic Mess
Email a Fairy
A Peeing Neanderthal
Fictional Brits
Bare Burka
Is Van Gaal a Turkey?
An Estate Agent in High Heels
A Boy from Westminster
Adventure in Amsterdam
Amalia & George
Cheering Quietly
Human Waste
D-Day for Poetry
A Dog in London
Van Gaal and Wurst
Baby King George
The Virgin Train from Birmingham
Nuclear Hospitality
Vladimir the Viking
Ski Girl with Moustache
Phoenix
Message From the Bathtub
A Consistent Resolution
Nigella’s Law

Ooit was ik een heel traditionele jongen. Ik was senator van het Cadettencorps (=studentenvereniging) van de Koninklijke Militaire Academie en droeg in mijn vrije tijd een blazer met daarop het KMA-embleem. En mijn parawing op mijn pyjama en op mijn zwembroek.

Dat laatste als tegenwicht omdat ik niet zo’n geweldige zwemmer was. Als ik bordjes moest opduiken van de bodem voer ik met die zwembroek met parawing als een mislukte onderzeeboot net onder de wateroppervlakte terwijl jaargenoot Engelbert met zijn twee meter lange lijf van de bodem van het zwembad mij de bordjes stond aan te reiken.

En ja, ik ben ook ontgroend, heb daar sigaren leren roken en grote hoeveelheden bier. En ook heb ik wel enkele dingen gedaan die het daglicht minder verdragen, bijvoorbeeld te Brussel als afleiding fungeren terwijl achter de rug van de wachtpost door mede-senator D. het bordje ‘Voorzitter Senaat’ van het Hogerhuis van het Koninkrijk der Belgen werd gedemonteerd.

Kortom, ik was enthousiast onderdeel van het Immaterieel Cultureel Erfgoed. Misschien is het u in Engeland ontgaan, maar in Nederland zijn de mores en tradities van studentenverenigingen opgenomen in de Nationale Inventaris Immaterieel Cultureel Erfgoed.

Net als o.a. het beroep van molenaar, het heggenvlechten, het ambacht van snuifreder (maker van snuiftabak) en het fruitcorso van Tiel.

Het is een lang verhaal, maar uiteindelijk werd ik dichter. Een overgangetje, van het ene immaterieel cultureel erfgoed naar het andere: de poëzie.

Onlangs was ik op het Edinburgh Book Festival. Met interessante optredens van Nederlandse schrijvers. Al die schrijvers waren, met uitzondering van Kader Abdolah, informeel gekleed. Misschien ook toe te voegen aan het immaterieel cultureel erfgoed: de kleding van Nederlandse schrijvers. Soms snak je naar een goed pak.

Zelf droeg ik sandalen (met sokken!) vanwege ‘moeilijke voeten’. Ja, zelfs op de receptie van de Vlaamse vertegenwoordiging en de Nederlandse ambassade (waarvan elke vertegenwoordiging om onduidelijke reden ontbrak), omdat ik geen tijd meer had om me ‘om te kleden’. En dat in een land waar alleen al het dragen van bruine schoenen bij een donker pak als een doodzonde wordt gezien. Maar je bent dichter, dus je komt met alles weg.

Ik luisterde naar een gesprek tussen een joviale Vlaamse vertegenwoordiger en de vrouwelijke vertegenwoordiger van de Lord Provost (=burgemeester) van Edinburgh. De Vlaamse vertegenwoordiger probeerde het gesprek op gang te houden. Er waren nogal wat overeenkomsten tussen het Vlaams en het Schots, zo zei hij. ‘Een bezem (bessem) wordt in het Schots en Vlaams gebruikt voor een lelijke vrouw.’

De councillor van de City of Edinburgh, die er zelf niet onaardig uitzag, knikte vriendelijk. Ik staarde even naar mijn sandalen. Die Vlaamse vertegenwoordiger bedoelde het natuurlijk heel goed, en mijn moeder zou zeggen ‘het ging een beetje uit de gissing’, maar ik dacht alleen maar: en ik heb ook nog sandalen aan, wat moet die mevrouw nu denken.

Op 8 september wordt mijn nieuwe Nederlandse dichtbundel gepresenteerd. Ik ga een pak aantrekken (zonder sandalen, maar met schoenen) en geen gekke dingen zeggen. Er komen jongens die ik al dertig jaar niet heb gezien. Jongens die me nog kennen van die wing op mijn pyjama en mijn zwembroek. De verkoop van de bundel wordt verzorgd door D. Die van het bordje van de Belgische Senaat. En tevens D. uit mijn debuutroman. Het wordt een bijzondere avond. Lang leve het immaterieel cultureel erfgoed!

© Arnold Jansen op de Haar

"Arnold

Eerdere columns:
Marseillaise
Beertje Brexit
Brief aan de Britten
Eten met Louis en José
Een anglofiele Europeaan
Maria Magdalena van Notting Hill
Geen Britten knuffelen!
De God van Rochester
Een blotebillengezicht
Een touringcar met exen
Kantje boord
Een zeer Brits geheim
Eindejaarsgesprek
De sigaar in Brussel
Een katholiek verbranden
Ted of Sylvia?
Ongeschikt voor klassenstrijd
Engelandvaarders
Het weer in Arnhem
Spoedeisende Hulp
De loodgieter en de kleine prins
Het paard van Troje
Aan de schandpaal!
Portobello Hipster
Elke dag feest
Diana is terug
Geliefd door allen
Koken in vredestijd
Een genetisch zootje
E-mail een elfje
De plassende Neanderthaler
Fictieve Britten
Blote boerka
Is Van Gaal een kalkoen?
Een makelaar op hoge hakken
Een jongen uit Westminster
Avontuur in Amsterdam
Amalia & George
Zachtjes juichen
Menselijk afval
D-Day voor poёzie
Een hond in Londen
Van Gaal en Wurst
Baby King George
De Virgin trein uit Birmingham
Nucleaire gastvrijheid
Vladimir de Viking
Ski-meisje met snor
Feniks
Bericht vanuit de badkuip
Een consequent voornemen
De wet van Nigella