was successfully added to your cart.

A Royal Bunny Hugger

Een koninklijke konijnenknuffelaar

June 15, 2011

By Arnold Jansen op de Haar

‘Would you consider yourself a green?’ Fiona Bruce asked in an interview to celebrate Prince Philip’s ninetieth birthday. Prince Philip’s mouth resembled that of Kermit the Frog before he answered, ‘There’s a difference between being concerned for the conservation of nature and being a bunny hugger.’

Even as a youngster I wasn’t a bunny hugger. In the first place, we didn’t have any pets. ‘If we’re getting a dog, I’m going,’ my father said.

Well, we had a goldfish. When it finally died my father flushed it down the ground floor toilet. Even though the film Jaws hadn’t yet been produced, for the next few weeks I used the upstairs loo.

Maybe Prince Philip associated bunny hugging with Princess Diana. The only prize she won at school was for ‘Best Kept Hamster’.

The trouble starts in primary school. They teach you that all animals are cuddly, but not all animals are nice: this is called nature. Maybe deep inside I am like Prince Philip.

Prince Philip grew quite petulant in response to all the obvious questions. At one point he even told the interviewer, ‘It was a profession, which you’d understand if you ever had one.’

To a Scottish driving instructor he once said: ‘How do you keep the natives off the booze long enough to pass the test?’

My father belonged to Prince Philip’s generation and he, too, had a lonely youth.

On shopping trips, whenever my father was handed a plastic bag which advertised the shop he would ask the shop assistant to turn it inside out, ‘If I start carrying your ads around, you’ll have to pay me.’ At such a moment, when you are a child, you want the ground to swallow you up.

During my sister’s entrance examination at the conservatory he asked the porter about the best location for a plaque if she were to become famous. The porter took it seriously and they inspected various locations.

Always saying it straight is a similarity between my father and Prince Philip. There could well be another one: never talking about people behind their backs, rather say it straight to their faces.

Well, apart from when we passed some German ladies of a certain age, on which occasion my father murmured, ‘Blitzmädel.’ For years I wondered what on earth was meant by Blitzmädel. They turned out to be women who had served in the German Army, whereas his own family had been in the resistance.

I do sometimes say terrible things about people. I can’t help it. What about you? I think after many a birthday party a short evaluation takes place in the car on the way home. ‘Uncle Pete really ought to drop dead!’ But it isn’t publicised.

My father never uttered that kind of thing behind people’s backs. As if he wanted to say: you should never lower yourself to their level. The older I get, the more remarkable this seems.

When driving with him as a child you were allowed to instruct him for the next hour where to turn left or right. He always wanted someone to go with him to the supermarket. ‘It’s not quite the same on my own,’ he would say.

At Princess Diana’s funeral, three men and two boys followed the coffin. Under the gate at Horse Guards Parade, almost out of view of the cameras, Prince Philip briefly put his hand on Prince William’s shoulder.

Now that is also something my father would do. He couldn’t pass my mother without giving her a cuddle. He wanted to protect us for ever, but he died thirteen years ago.

I am now stuck with this picture of Prince Philip: the Queen is walking through the corridors of Windsor Castle, she comes across Prince Philip and all of a sudden he gives her a big kiss. Maybe he is a Royal bunny hugger after all and the Queen is the bunny.

© Arnold Jansen op de Haar
© Translation Holland Park Press
You can leave your comment on our forum.

Visit Arnold’s home page to find out more about his other publications.
 
Previous columns:

An Altruistic Writer

Beschouwt u zichzelf als groen? vroeg Fiona Bruce in het interview ter gelegenheid van prins Philips negentigste verjaardag. Prins Philip trok een mond als Kermit de Kikker en zei: ‘Er is een verschil tussen mensen die geven om natuurbescherming en konijnenknuffelaars.’

Zelf was ik in mijn jeugd al geen konijnenknuffelaar. We hadden sowieso geen huisdieren. ‘Als er een hond in komt, ga ik eruit,’ zei mijn vader.

Nou ja, we hadden wel een goudvis. Toen die uiteindelijk doodging, spoelde mijn vader hem op de benedenverdieping door de wc. De film Jaws moest nog uitkomen, maar ik gebruikte wekenlang de wc op de eerste verdieping.

Misschien dacht prins Philip bij konijnenknuffelen aan prinses Diana. De enige schoolprijs die zij won was voor ‘Best Kept Hamster’ (best verzorgde hamster).

De ellende begint al op de basisschool. Er wordt tegen je gezegd dat alle dieren lief zijn. Maar niet alle dieren zijn lief. Dat heet natuur. Misschien zit er diep in mij een prins Philip.

Prins Philip werd tijdens het interview kregel van al die voor de hand liggende vragen. Op een gegeven moment zei hij zelfs tegen de interviewster: ‘Het was een beroep, en dat zou u begrijpen als u er zelf ooit een had gehad.’

Tegen een Schotse rijschoolinstructeur schijnt hij ooit gezegd te hebben: ‘Hoe slaagt u erin de inboorlingen lang genoeg van de drank af te houden om het examen te halen?’

Mijn vader was van dezelfde generatie als Prins Philip. En ook hij had een eenzame jeugd gehad.

Als mijn vader in winkels een plastic zak meekreeg met reclame van de zaak erop dan vroeg hij aan het winkelpersoneel die binnenstebuiten te keren. ‘Als ik met reclame ga lopen, moet u mij betalen.’ Dan stond je als kind toch een beetje door de grond te zakken.

Toen mijn zus werd aangenomen op het conservatorium vroeg hij aan de portier waar de plaquette geplaatst kon worden als ze beroemd zou worden. En die portier ging ook nog serieus met hem de diverse plekken bekijken.

Dat nogal direct uit de hoek komen, is een overeenkomst tussen mijn vader en prins Philip. Maar er zou nog een overeenkomst kunnen zijn: nooit achter hun rug over mensen spreken. Dan liever rechtstreeks.

Nou ja, behalve als we een paar Duitse vrouwen van een zekere leeftijd passeerden. Dan mompelde mijn vader: ‘Blitzmädel.’ Jarenlang heb ik me afgevraagd wat Blitzmädel waren. Dat waren dus vrouwen die in het Duitse leger hadden gediend. Zijn eigen familie had in het verzet gezeten.

Zelf zeg ik wel eens erge dingen over andere mensen. Ik kan er niks aan doen. En u? Ik denk dat na menig verjaardagsfeestje in de auto naar huis nog even wordt geëvalueerd. ‘Ome Piet moet dood!’ Maar dat komt dan niet in de pers.

Dat soort dingen zei mijn vader dus niet achter iemands rug. Alsof hij wilde zeggen: je moet je nooit verlagen tot hun niveau. Hoe ouder ik word, hoe uitzonderlijker ik dat vind.

Of je zat in de auto en dan mocht je als kind een uur lang zeggen waar hij rechtsaf of linksaf moest. En er moest altijd iemand met hem mee naar de supermarkt. ‘Alleen vind ik er niks aan,’ zei hij dan.

Bij de begrafenis van prinses Diana liepen er drie mannen en twee jongens achter de kist. Onder de poort bij Horse Guards Parade, bijna buiten het oog van de camera’s, legde prins Philip even zijn hand op de schouder van prins William.

Kijk, dat zou mijn vader ook doen. Mijn moeder kon niet passeren zonder geknuffeld te worden. En hij zou ons altijd beschermen. Maar hij is al dertien jaar dood.

En nu kan ik het volgende beeld van prins Philip niet uit mijn hoofd krijgen. De koningin loopt door de gangen van Windsor Castle. Ze passeert prins Philip. En hij geeft haar plotseling een dikke kus. Misschien is hij toch een koninklijke konijnenknuffelaar. En de koningin het konijn.

© Arnold Jansen op de Haar
U kunt reageren op ons forum.

Eerdere columns:
Voorbij de waanzin