was successfully added to your cart.

Axel Graafland 32

Axel Graafland 32

April 14, 2015

By Pieter Thomassen

On the steep verge along the deserted motorway, Axel lies on the lush grass at the feet of next-door girl Manon. While unthinkingly humming a tune, she plaits with her delicate, ivory hands a daisy chain, her naked feet tucked under her bum.
    He, in turn, looks, like a rabbit caught in the headlights, at the perfect pastel pink sphere under the snow-white edge of the nail on her right thumb. With it, she carves just below the white, purple edged petals precise slits into the flowers’ stems. Through each opening she threads the next stem, dipping in her nail yet again. A languid, buzzing bumblebee buries itself into the red clover.
    When Axel turns on his back to stroke the cloud animals, a spray of starlings dances onto a nearby poplar. From the distance wafts in the smell of tar. Axel stretches his arms, as far as they go, over his head. Then, he rolls down the steep slope. Faster and faster he rotates downward, only to come to a halt in the ditch around the verge. Now he is no longer rolling himself, it’s the world’s turn to spin around.

© Pieter Thomassen
© Translation Holland Park Press

Axel 31Axel 30Axel 29Axel 28Axel 27Axel 26Axel 25Axel 24Axel 23Axel 22Axel 21Axel 20Axel 19Axel 18Axel 17Axel 16 Axel 15Axel 14Axel 13Axel 12Axel 11Axel 10Axel 9Axel 8Axel 7Axel 6Axel 5Axel 4Axel 3Axel 2Axel 1

In de hoge berm langs de uitgestorven snelweg ligt Axel in mals gras aan de voeten van buurmeisje Manon. Terwijl ze gedachteloos de woorden van een liedje voor zich uit fluistert, vlecht ze, haar blote voeten onder haar billen opgetrokken, met haar fijne ivoren handen onverstoorbaar een krans van madeliefjes.
    Hij op zijn beurt staart als een in koplamplicht gevangen konijn naar de volmaakte zachtroze bolling onder de sneeuwblanke nagelrand van haar rechterduim. Daarmee kerft ze vlak onder de witte kroontjes met purperen rand secuur spleetjes in de bloemstelen. Door zo’n gaatje haalt ze een volgend steeltje, waarin haar nagel andermaal wegzinkt. Een lome hommel begraaft zich brommend in rode klaver.
    Als Axel op zijn rug gaat liggen om wolkendieren te aaien, danst een sproeiregen van spreeuwen naar een nabijgelegen populier. Uit de verte waait de geur van teer aan. Axel strekt zijn armen tot het uiterste boven zijn hoofd. Dan begint hij de steile helling af te rollen. Sneller en sneller wentelt hij omlaag en omlaag om in de greppel van het talud tot stilstand te komen. Nu hijzelf niet langer draait, is de wereld aan het wentelen geslagen.

© Pieter Thomassen

Axel 31 - Axel 30 - Axel 29 - Axel 28 - Axel 27 - Axel 26 - Axel 25Axel 24 - Axel 23 - Axel 22 - Axel 21 - Axel 20 - Axel 19 - Axel 18 - Axel 17 - Axel 16 - Axel 15 - Axel 14 - Axel 13 - Axel 12 - Axel 11 - Axel 10 - Axel 9 - Axel 8 - Axel 7 - Axel 6 - Axel 5 - Axel 4 - Axel 3 - Axel 2 - Axel 1