was successfully added to your cart.

Going Dutch

Going Dutch

October 5, 2011

By Arnold Jansen op de Haar

I read this week that the Dutch are most worried about ‘the way in which we live together’. Of course the ‘we’ are other people. At the same time it transpired that 55% of the Dutch think that people who smoke or drink should pay a higher health care premium. This makes me think about emigrating.

Recently I spent some time on a terrace with my elderly mother. A bit further along a group of ladies had settled down, drinking coffee with cakes. Their average age was about forty and they were out shopping for the day.

The ladies had money to spare and a few were literally loaded with shopping bags. They were having a great time until it came to paying the bill.

What happens next provides rich pickings for an anthropologist’s PhD. You can go and study odd customs in a recently discovered tribe in the Amazon or just watch life on a Dutch terrace.

Everyone pays their share of the bill; it’s called ‘Going Dutch’ in English. This way of paying actually takes longer than drinking coffee. They need to change money among themselves and study the menu again to check on the price of a cup of coffee.

We’re not talking about Greece but about the Netherlands, one of the richest countries in the world.

If you are offered a lift, the driver makes sure to point out each petrol station along the way, with a sigh that petrol has gone up again. Often followed, after about fifteen minutes with the question, ‘Shall we share the petrol costs?’ There is usually a short break during the journey to eat the homemade cheese sandwiches.

On the whole the Dutch don’t tend to meet up in a pub or restaurant. People rather meet at someone’s home. They think it is cosier but foremost it is also cheaper.

They rarely visit around dinner time. Actually if it gets near six o’clock, the host or hostess will remark, ‘we’re about to have dinner,’ a clear signal to leave.

I know of a host who allows you to stay for dinner, but he dishes up the food. Even in the poorest African countries visitors receive a full plate, even if it means there is nothing left for you. This Dutch host has his own particular way of serving food, resulting in his nickname ‘the shaker’.

He puts the serving spoon in the bowl and scoops out a large helping. At this point a guest starts worrying, ‘I’m not going to finish it!’ However he then manages to shake the spoon in his own inimitable way so that half of the food falls back into the bowl. He fills his own plate last and there is no shaking.

If the evening drags on, he simply goes off to bed and leaves his wife to take care of the visitors. He has been ill for the past fifteen years, not that anything has been diagnosed but it’s essential he goes to bed early; he’s ill after all.

Now there is the threat of an increase to the health service premium. Not because we consume more alcohol or smoke more. This has decreased, but we live longer. They want the smokers and drinkers to pay for this.

This makes me think of ‘the shaker’, the host who imagines he has been ill for fifteen years. He has undergone 73 medical tests only to draw blanks. I suspect he agrees about the increased premium for smokers and drinkers. Yet, I don’t ask for a raised premium for hypochondriacs.

In the Netherlands solidarity stops at the front door. If there is one country likely to cut off Greece, it’s the Netherlands.

At this point some readers will object, ‘I’ve seen you dividing up the bill when out with a company.’ That’s correct, but now you know what I think. When I still had money I paid all the bills.

I’m thinking about emigrating to Greece to drink ouzo all day and smoke cigars. I’m even prepared to dance the Syrtaki on my own. Because trying to write without a drink or cigars ends in disaster.

© Arnold Jansen op de Haar
© Translation Holland Park Press

You can leave your comment on our forum.

Visit Arnold’s home page to find out more about his other publications.
 
Previous columns:

Tips for Parents

An Altruistic Writer

Nederlanders maken zich het meest zorgen over ‘de manier waarop we samenleven’, las ik deze week. ‘We’ is natuurlijk de ander. Tegelijkertijd werd bekend dat 55 % van de Nederlanders vindt dat mensen die roken of alcohol drinken meer zorgpremie moeten betalen. Op zulke momenten denk ik aan emigreren.

Laatst zat ik met mijn oude moeder op een terras. Iets verderop was een groep vrouwen neergestreken. De gemiddelde leeftijd was een jaar of veertig. De dames zaten aan de koffie met gebak. Ze waren een dagje uit winkelen.

En de dames waren niet onbemiddeld. Enkele exemplaren gingen letterlijk gebukt onder de hoeveelheid inkopen die ze hadden gedaan. Het was een gezellige boel. Tot ze moesten afrekenen.

Dan gebeurt er iets waarop antropologen kunnen promoveren. Je kunt vreemde verschijnselen bij net ontdekte stammen in het Amazonegebied bestuderen. Je kunt ook gewoon op een Nederlands terras gaan zitten.

Iedereen betaalt apart. In Engeland noemt men dit ‘Going Dutch’. Dat apart betalen duurt langer dan het koffiedrinken. Onderling wordt geld gewisseld en op de menukaart wordt nog eens bestudeerd hoe duur het kopje koffie was.

We spreken hier niet over Griekenland maar over Nederland, een van de rijkste landen ter wereld.

Krijgt men het aanbod om met iemand ‘mee te rijden’, dan wijst de bestuurder op elk pompstation langs de weg met de verzuchting dat de benzine weer duurder is geworden. Meestal wordt dit een kwartier later gevolgd door de vraag: ‘Zullen we de benzinekosten delen?’ Onderweg wordt even gestopt om de zelf meegenomen bruine boterhammen met kaas op te eten.

In Nederland spreekt men relatief weinig af in een café of restaurant. Men gaat liever bij elkaar op bezoek. Dat is ‘gezelliger’. Maar het is in de eerste plaats goedkoper.

Zo’n afspraak zit qua tijdstip ook zelden in de buurt van het diner. Dreigt het zes uur te worden, dan zegt de gastheer of gastvrouw: ‘We gaan zo eten.’ Hét teken om te vertrekken.

Ik ken een gastheer bij wie je wel kunt blijven eten. Maar dan schept hij op. Zelfs in de armste gebieden van Afrika geef je de bezoekers een vol bord. Zelf eet je desnoods niets. Deze Nederlandse gastheer heeft een hele aparte manier van opscheppen. Wij noemen hem thuis ‘de schudder’.

Hij steekt de lepel in de pan en neemt een grote schep. Als gast begint men zich op dat moment een beetje zorgen te maken. Dat krijg je nooit op! Maar dan gaat hij op onnavolgbare wijze lichtjes schudden met die lepel en valt de helft terug. Zijn eigen bord is als laatste aan de beurt. Dan schudt hij niet.

Als het wat later op de avond wordt gaat hij gewoon naar bed en laat zijn vrouw met het bezoek zitten. Hij is al vijftien jaar ziek. Niet dat iemand ooit de ziekte ontdekt heeft maar hij moet vroeg naar bed. Hij is tenslotte ziek.

En nu dreigt de zorgpremie omhoog te gaan. Niet omdat er meer alcohol gedronken wordt of meer wordt gerookt dan vroeger. Het neemt zelfs af. Maar iedereen wordt ouder. De rekening hiervoor wil men bij de drinkers en rokers leggen.

En nou moet ik aan ‘de schudder’ denken. De gastheer die al vijftien jaar denkt dat hij ziek is. Hij heeft zich al 73 keer voor niks laten onderzoeken. Hij vindt vast dat rokers en drinkers een hogere zorgpremie moeten betalen. Ik vraag toch ook niet om een speciaal tarief voor hypochonders.

De Nederlandse solidariteit houdt bij de voordeur op. Als één land de stekker uit Griekenland gaat trekken, is het Nederland.

Tot slot zullen sommige lezers tegensputteren: ‘Ik heb jou ook wel eens in een gezelschap apart zien betalen.’ Dat klopt, maar nu weet u wat ik dan denk. In mijn rijke tijd betaalde ik altijd alles.

Ik denk er over om naar Griekenland te emigreren. Dan ga ik daar de hele dag ouzo drinken, met een sigaar in mijn hoofd. En dan dans ik desnoods in mijn eentje de Sirtaki. Want schrijven zonder drank en sigaren, dat wordt helemaal niets.

© Arnold Jansen op de Haar

U kunt reageren op ons forum.

Eerdere columns: