was successfully added to your cart.

The Virgin Train from Birmingham

De Virgin trein uit Birmingham

April 7, 2014

By Arnold Jansen op de Haar

That day, I had given a reading in Birmingham library, a fortress of culture. From the outside it actually looks like a fortress, but inside they’ve created something on a grand scale: a tower of Babel for books.

After my performance, my publisher and I went out for dinner with one of our other authors and his wife at a place right opposite Birmingham New Street station. This would make it easy to ‘catch our train’.

Over dinner we discussed how accustomed the English are to foreign accents. I demonstrated that the Italians speak English in their throat and the Spanish speak it on the tip of their tongue, almost outside their mouth. We had an enjoyable time together. I learned, among other things, about the way people speak in Wolverhampton: ‘Shape your lips to form an O and say “Wolverhampton”.’

Just before our departure, my friend Dave and I smoke another cigar just outside the station. We hear a noise growing louder. I think I can distinguish the word ‘Wolverhampton’. I’m just about to say ‘Wolverhampton’ with O-shaped lips, when a group of about 20 football hooligans emerges from the station concourse.

They hang about in front of the station and start singing: ‘We are the Wolves’. My publisher is wearing a lovely hat and I think: we stick out like a sore thumb! Two tiny policemen – I would describe them as the Sesame Street police – move between us and the hooligans. I indicate to the others: we’d better go inside.

Once inside, we say goodbye. It’s only now that I realise that everyone in the station is drunk. There isn’t a normal person on the platform. Well, except three or four, who stand noticeably close to us, so that we form an island. Every now and then, apprehensive-looking policemen put in an appearance.

The train is packed, mainly with people no longer qualifying as young adults – in short, people in their thirties, who’ve been out in Birmingham. It’s just after 9pm.

Four women are occupying the seats in front of us. One is half leaning over the back of her seat. Her phone rings. ‘She’s asking which coach we’re in,’ she reports to her friends. ‘Coach D!’ they shout. She now addresses the entire coach: ‘Everyone in coach D, please raise your hands.’

One of the men on the other side of the aisle keeps his arms crossed. ‘Hello, you haven’t raised your hand,’ the woman remarks and points at the man. I see a smile slowly spreading across her face. This man is just a notch better looking than the others. She pouts her lips and now drapes herself across her friend and into the gangway. ‘Where’re you going?’ she warbles with a thick tongue. ‘Rugby,’ answers the man. She puts on her most surprised look. ‘So am I!’

Next, she drops her ticket in the aisle and retrieves it in a most charming way, showing off her bum. Another guy points to his knee: ‘Just sit down for a moment.’ She waves her ticket over his knee. ‘No, no, no,’ she chirrups.

We find out the cause of the festivities. One of the ladies is celebrating her retirement. Another is pregnant. They are pointed out. The men yell: ‘Congratulations!’ But I think: the only virgin here is the train.

At that moment, the new pensioner is sick over herself, her seat and half the gangway. The women disappear into the toilet to be sick all over it too, and the men begin to argue because one thinks this is going too far – he shouts ‘dickhead’ at one of his friends and gets up angrily – and the entire coach empties.

Fifteen minutes later a train attendant tapes off the offending site. They announce: ‘Someone has been sick in coach D’.

When the coach arrives in Rugby I look out of the window. The retired woman is being dragged across the platform, supported by two of her friends.

In Milton Keynes a few additional passengers alight. Everyone who eventually arrives in London is entirely sober. Virgin Trains: the experience.

© Arnold Jansen op de Haar
© Translation Holland Park Press

arnold jansen op de haar

Visit Arnold’s home page to find out more about his other publications.
 
Ik had die dag opgetreden in de centrale bibliotheek van Birmingham, een cultuurbunker van jewelste. Van de buitenzijde is het inderdaad een bunker maar binnen is iets groots verricht: een toren van Babel met boeken.

Na het optreden was ik samen met mijn uitgever wat gaan eten met een van onze andere auteurs en zijn vrouw. In een etablissement recht tegenover Birmingham New Street station. Dan konden we daarna ‘makkelijk de trein in’.

Aan tafel hadden we het erover dat Engelsen gewend zijn aan vreemde accenten. Ik demonstreerde hoe Italianen Engels vanuit de keel praten en Spanjaarden voor in de mond, bijna buiten de mond. Het werd een genoeglijke avond. Ik leerde onder andere hoe mensen uit Wolverhampton spreken. ‘Vorm je mond tot een o, en zeg dan Wolverhampton.’

Vlak voor vertrek staan mijn vriend Dave en ik nog een sigaartje te roken buiten het station. Er is een aanzwellend geluid hoorbaar. Ik meen het woord Wolverhampton waar te nemen. Ik wil net Wolverhampton zeggen, met mijn mond tot een o gevormd, als er een groep van zo’n 20 voetbalhooligans uit de stationshal komt.

Ze blijven voor de uitgang staan en beginnen ‘We are The Wolves’ te zingen. Mijn uitgever draagt een leuke hoed en ik denk: we zien er veel te opvallend uit! Twee kleine politiemannen, die ik zou willen omschrijven als Sesamstraat Politie, schuiven tussen ons en de hooligans. Naar binnen, gebaar ik naar de anderen.

Daar nemen we afscheid. Nu pas zie ik dat iedereen in het station dronken is. Op het perron staat geen normaal mens. Nou ja, een stuk of drie en die gaan opvallend dicht bij ons staan, zodat we een eiland vormen. Af en toe komt er een angstige politieman een kijkje nemen.

De trein zit bomvol en is vooral gevuld met oudere jeugd, zeg maar dertigers, die zich blijkbaar in Birmingham vol heeft laten lopen. Het is net na negenen.

Voor ons zitten vier vrouwen. Een hangt er half over de rugleuning. Ze wordt gebeld. ‘Ze vragen waar we zitten,’ zegt ze tegen haar vriendinnen. ‘Coach D!’ roepen die. Nu richt ze zich tot de hele coupé: ‘Iedereen die in coupé D zit, steek je hand op.’

Een van de mannen aan de andere zijde van het gangpad blijft met zijn armen over elkaar zitten. ‘Hé, jij hebt je hand niet opgestoken,’ zegt de vrouw en ze wijst naar de man. Dan zie je heel langzaam een grijns op haar gezicht verschijnen. Hij is net iets minder lelijk dan de anderen. Ze tuit haar lippen en hangt nu over een vriendin en half in het gangpad. ‘Waar moet je heen?’ zegt ze met dubbele tong. ‘Rugby,’ zegt de man. Ze zet haar meest verbaasde ogen op: ‘Ik ook!’

Nu laat ze haar kaartje in het gangpad vallen en raapt die op bevallige wijze op, kont omhoog. Een andere man wijst op zijn knie: ‘Kom hier maar zitten.’ Ze wrijft met het kaartje over zijn knie. ‘No, no, no,’ kirt ze.

We horen ook waar de feestelijkheden aan te danken zijn. Een van de dames viert haar pensioen. Een andere is zwanger. Ze worden aangewezen. ‘Gefeliciteerd!’ schreeuwen de mannen. En ik denk: de enige virgin hier is de trein zelf.

Op dat moment kotst de gepensioneerde zichzelf, haar stoel en het halve gangpad onder. De vrouwen vertrekken naar de wc om ook die onder te kotsen, de mannen krijgen onderling ruzie omdat er een vindt dat dit dus echt niet kan – hij roep ‘dickhead’ naar een van zijn vrienden en stapt boos op –  en de coupé stroomt leeg.

Een kwartier later tapet een conducteur de plek des onheils af. ‘In coupé D is iemand ziek geworden,’ wordt er omgeroepen.

Als de trein in Rugby stopt kijk ik uit het raam. De gepensioneerde wordt tussen twee vriendinnen over het perron gesleept.

In Milton Keynes kruipt er nog een handjevol passagiers naar buiten. Iedereen die uiteindelijk Londen bereikt is broodnuchter. Virgin Trains, the experience.

© Arnold Jansen op de Haar