was successfully added to your cart.

Two Sides of the Same Coin

Twee kanten van dezelfde medaille

March 4, 2012

By Arnold Jansen op de Haar

Recently, as part of Jewish Book Week, I went to a discussion about
religion and science. Chief Rabbi Jonathan Sacks and atheist and
mathematician Marcus du Sautoy were the speakers.

The audience included elderly mothers with their sons, beautiful young women, eccentric types and a lot of yarmulkes. Everyone was well dressed and looked like someone who thought things through. Being intellectual and religious; there are simpletons who think these attributes are mutually exclusive.

The host, Jonathan Glaser, informed us straightaway that another discussion was taking place in Oxford that same evening between Richard Dawkins and the archbishop of Canterbury. Suddenly, discussing the interaction between science and religion is all the rage. It must be something in the air.

In London they treated each other with kid gloves. So they agreed that science and religion often cover the same ground, such as questioning infinity. According to the speakers, the difference was whether or not there was a deeper meaning underlying the System. It was amusing that some of the questions from the audience where so spot on that they left the panel speechless.

The thought occurred to me that if this was a top-level debate about religion and science we were completely stuffed, because the discussion was all over the place.

I was in the company of Dr B., a believer who has a Ph.D. in calculations about ‘colliding particles’. This is the best description I can give, because it isn’t my cup of tea. I do know a thing or two about language, though, so halfway through I whispered to Dr B., ‘It sounds as if language is inadequate for religion as well as science.’

Dr B. later remarked that religion and science don’t clash. ‘I’ll explain,’ she said down the pub: ‘nuclear science explains, for example, the process of splitting nuclei, whereas religion deals with not dropping a nuclear bomb.’ I looked a bit puzzled. ‘Science is about how and religion about why,’ she clarified; ‘they are two sides of the same coin.’

Consequently, this week I was thinking about comments I had read, such as this one: ‘How can we progress if people think that all the questions about the universe were answered by a few illiterate fishermen two thousand years ago?’ ‘Because science can progress, but human nature stays the same,’ would be my answer.

I also considered the popular atheist point of view that all wars are caused by religion. ‘The Nazis and the communists didn’t believe in God,’ I muttered to myself.

There was once an atheist who told me: ‘It’s strange that someone like you, who is so well read, still believes in something.’ He looked at me as if I had a contagious disease.

There are religious scientists who have discovered important things, but there are also atheist scientists who have uncovered important facts. This is nothing to get upset about. You wouldn’t think of asking the man running the sandwich shop if he is a Roman Catholic or an atheist.

So why would you believe in God? This reminds me of a question I was asked recently: ‘Why should I read your novel?’ ‘Because it’s interesting,’ I suggested. That wasn’t reason enough for the person asking the question. Later I thought of a better answer: ‘Because it may change your life.’

What’s the status of my own belief in God? I compare it to being at sea in a boat with a malfunctioning navigation system, when it’s good to know that there is a patron saint of seafarers. I’m off to light a candle for a dearly loved person. I’m not sure how it works, but I do hope that it works.

© Arnold Jansen op de Haar
© Translation Holland Park Press

You can leave your comment on our forum.

Visit Arnold’s home page to find out more about his other publications.
 
Previous columns:
Onlangs woonde ik in Londen een debat bij over religie en wetenschap in het kader van de Jewish Book Week. De sprekers waren opperrabbijn Jonathan Sacks en de atheïst en wiskundige Marcus du Sautoy.

Er waren oude moeders met zonen, schitterende jonge vrouwen, excentrieke types en veel keppeltjes. Iedereen zag eruit alsof men nadacht over de dingen en iedereen was goed gekleed. Intellectueel en gelovig, er zijn koekenbakkers die vinden dat die dingen niet samen gaan.

Jonathan Glaser was de gespreksleider en zei onmiddellijk dat er diezelfde avond in Oxford een debat plaatsvond tussen Richard Dawkins en de aartsbisschop van Canterbury. Opeens gaat het overal over de relatie tussen wetenschap en religie. Zou er iets in het water zitten?

In Londen was men nogal aardig voor elkaar. Zo waren ze het erover eens dat wetenschap en religie het vaak over dezelfde dingen hebben, zoals vragen over oneindigheid. Het verschil zat er volgens de sprekers vooral in of er iets achter het Systeem zit of niet. Het grappige was dat sommige bijdragen uit de zaal zo goed waren dat men er op het podium niets over wist te zeggen.

En ook kwam de gedachte bij me op dat als dit het debat op topniveau was over wetenschap en religie, we goed in de aap gelogeerd waren. Want het ging van de hak op de tak.

Ik was er samen met Dr. B., die en gelovig is en gepromoveerd op berekeningen aan ‘deeltjes die op elkaar botsen’. Beter kan ik het niet omschrijven omdat ik er zelf geen verstand van heb. Ik weet wel iets van taal. Halverwege fluisterde ik Dr. B. in het oor: ‘Het lijkt erop dat zowel bij religie als bij wetenschap de taal tekortschiet.’

Dr. B. merkte later nog op dat religie en wetenschap niet botsen. ‘Ik zal het uitleggen,’ zei ze in de pub, ‘nucleaire wetenschap bijvoorbeeld gaat over hoe kernsplitsing werkt. Dat je mensen geen atoombom op de kop moet gooien, is religie.’ Ik keek haar vragend aan. ‘Wetenschap gaat over het hoe, religie over het waarom,’ verduidelijkte ze, ‘het zijn twee kanten van dezelfde medaille.’

En dus dacht ik deze week na over uitspraken die ik gelezen heb. Zoals deze: ‘Hoe kan er ooit vooruitgang geboekt worden als mensen denken dat al de vragen over het universum beantwoord worden door een stelletje analfabetische vissers van tweeduizend jaar geleden?’ ‘Omdat de wetenschap kan voortschrijden, maar de menselijke natuur hetzelfde blijft,’ zou ik zeggen.

En ik dacht ook na over het populaire standpunt onder atheïsten dat alle oorlogen door religie zijn veroorzaakt. ‘De nazi’s en de communisten geloofden nergens in,’ mompelde ik tegen mezelf.

Er is wel eens een atheïst geweest die tegen me zei: ‘Jij bent zo belezen, vreemd dat je nog ergens in gelooft.’ Hij keek erbij alsof ik een enge ziekte had.

Je hebt gelovige wetenschappers die belangrijke dingen hebben ontdekt. Je hebt ook atheïstische wetenschappers die belangrijke dingen hebben ontdekt. Niks om je druk over te maken. Aan de bakker vraag je ook niet of hij rooms-katholiek of atheïst is.

Dus waarom zou je moeten geloven? Die vraag doet me denken aan een vraag die mij laatst gesteld werd: ‘Waarom moet ik jouw roman lezen?’ ‘Omdat het interessant is?’ probeerde ik. Dat was niet genoeg volgens de vragensteller. Later bedacht ik me dat ik had moeten zeggen: ‘Omdat het je leven kan veranderen.’

Hoe zit het met mijn eigen geloof? Ik vergelijk het met de situatie dat je in een bootje midden op zee zit en het navigatiesysteem is uitgevallen, maar dat het dan toch prettig is dat er een beschermheilige voor zeevarenden is. En nou ga ik een kaarsje opsteken voor een zeer dierbaar persoon. Ik weet niet hoe het werkt, maar ik hoop dat het werkt.

© Arnold Jansen op de Haar

U kunt reageren op ons forum.

Eerdere columns: